Zoeken

Zoeken

24e Aflevering - De doellijn toen en nu

De doellijn toen en nu
Het is heel moeilijk om problemen van vroeger  uit de voetbalwereld te vinden die echt verouderd zijn en niet meer voorkomen in de tegenwoordige tijd. En omdat ik het wil hebben over moeilijkheden rondom de doellijn kun je moeilijk zeggen dat die al lang de wereld uit zijn. Integendeel, ze staan weer volop in de actualiteit. Inmiddels zijn er proeven om te proberen de zaak definitief naar het verleden te verwijzen via moderne technische hulpmiddelen. In hoeverre ook de amateurs hieraan mee gaan doen zal de toekomst leren. Geld zou wel eens een barrière kunnen zijn.

Ik wilde het hebben over het jaar 1966. Tot twee keer toe werden we met problemen op de doellijn geconfronteerd. In het ene geval is de hele wereld erbij betrokken geweest. Het was de finale van het wereldkampioenschap. En omdat die tussen Engeland en Duitsland ging stond de wedstrijd al bij voorbaat garant voor veel spanning. De miljoenen kijkers via de televisie in de hele wereld werden op hun wenken bediend. Het bleef na 90 minuten gelijk. Er waren veel grote momenten in de spectaculaire wedstrijd maar de allergrootste kwam pas in de verlenging toen Hurst met een geweldige knal de lat raakte, de bal naar beneden spatte en toen weer het veld in. Was die bal toen hij de grond raakte nou voor, op of over de lijn? De scheidsrechter gaf op advies van zijn grensrechter  en  tot ontzetting van heel Duitsland een doelpunt. Engeland was wereldkampioen. Maar de grote vraag die nog zo nu en dan weer opduikt blijft of dat terecht was of niet.


Vergeten is de zaak nog altijd niet. Zo las ik onlangs dat een paar computerfreaks via moderne technieken de oude film hebben beoordeeld en ze kwamen tot de conclusie dat die bal helemaal nooit over de doellijn was geweest en Engeland onterecht kampioen was geworden. Of die onderzoekers gelijk hebben weet ik niet en het doet er ook niet meer toe. Want zowel toen als nu heeft de scheidsrechter toch gelijk.

Nu kan ik me best voorstellen dat mensen zich behoorlijk kunnen opwinden over voetbalonrecht. Toen in Wembley zal het wel zijn meegevallen want niemand had het echt kunnen zien. Maar in hetzelfde jaar 1966 maakten we een zuur geval mee dat onze eigen club trof en waar wel degelijk mensen het heel goed hadden kunnen zien. We hebben het pas nog gehad over die periode van de jaren 1964 en 1965. Twee maal achter elkaar afdelingskampioen. Dat is voorwaar niet niks. Als dat voor de derde keer achter elkaar zou lukken dan betekende dat een weergaloze prestatie. Het was gaandeweg wel duidelijk dat het in het seizoen 1965/66 niet simpel zou worden en het kampioenschap pas op de allerlaatste speeldag zou worden beslist. En zelfs dat bleek niet waar, want na die laatste dag stonden Zwart-Wit en SHO samen bovenaan. Aan een beslissing op basis van doelsaldo deden we niet, dus moest een beslissingswedstrijd de kampioen aanwijzen.  In Heerjansdam. Een daar gebeurde het.

Ook daar waren 90 minuten  niet genoeg om de beslissing te brengen. En terwijl de spanning steeg in de noodzakelijke verlenging, gebeurde het. Aad van der Laan liet de bal even over zijn handen glippen, maar was er snel genoeg bij om de bal ruim voor de doellijn te stoppen. Niemand die in de buurt stond reageerde dan ook. Het publiek dat achter het doel stond niet en de fotograaf die net achter de doellijn zat knipte niet om zo’n onbelangrijk moment vast te leggen. De enige die wel reageerde was de scheidsrechter die floot en naar het midden wees. Verbijstering bij alles wat Zwart-Wit was. Dit kon toch niet. Dit was geen kwestie van twijfel. De bal was zelfs niet dichtbij de lijn geweest,


In een rechtszaak had je later een hele reeks getuigen kunnen oproepen. De fotograaf die vlak achter de doellijn zat en het niet de moeite waard vond om te knippen. De toeschouwers achter het doel die geen moment aan juichen hadden gedacht. Maar in het voetbal zijn er geen rechtbanken voor zulke zaken. De rechtbank is de scheidsrechter en hij alleen.

Het duurt altijd even voor je verstand het weer overneemt van je woede. Een paar spelers van Zwart-Wit moesten door de rest worden tegengehouden om ze te behoeden voor wat al te heftige protesten. Maar het is ook niet niks. Een heel seizoen eindigt met niets door een menselijke blunder en je kunt moeilijk verwachten dat die hem in dank wordt afgenomen. Geen trilogie van kampioenschappen voor Zwart-Wit.

Het is nu eenmaal een ongeschreven wet dat een club altijd maar tijdelijk een hoofdrol speelt. Opgaan, blinken en verzinken geldt ook voor voetbalclubs, zelfs voor rijke profclubs die met veel geld het vertrek van sterspelers kunnen compenseren. Ook de beste clubs gaan over de top en dan duurt het weer even voor de oude glorie hersteld wordt. Dat weet elke voetballiefhebber en je vraagt je af of dat besef op dit moment ook het Nederlands elftal betreft. De euforie die al maanden van tevoren heel ons land beheerste bij vorige WK’s lijkt nu nauwelijks aanwezig. Het rotsvaste vertrouwen dat we wereldkampioen gaan worden is er niet.

Als we ons weer even beperken tot het zaterdagvoetbal dan is het maar 1 club gelukt om in drie achtereenvolgende jaren landskampioen te worden. Dat is IJsselmeervogels. En ons compliment aan die Spakenburgers krijgt nog meer waarde als we zeggen dat zij dat kunststukje zelfs twee keer voor elkaar kregen. Terecht zijn we die club altijd met respect tegemoet getreden.

Een afdelingskampioenschap behalen is natuurlijk ook geen kleinigheid maar de kans daarop is net iets groter. Dat drie keer achter elkaar presteren is ook alleen maar voorbehouden aan de beste clubs. Sinds het begin van de landelijke zaterdagcompetities in 1942 is het volgens het boekje Naar de Top, dat loopt t/m 2001, aan 7 clubs gelukt om die trilogie in de boeken te schrijven. Het zijn Quick Boys, NSVV, IJsselmeervogels, WHC, ACV en Katwijk. Op het nippertje en onterecht dus geen Zwart-Wit. Helaas, want we hoorden wel degelijk bij de beste clubs. Dat zal elke tegenstander uit die tijd kunnen bevestigen. Maar het blijft heel zuur. Mogelijk zijn we in staat na zoveel jaren te zeggen “It’s all in the game’.

Tijdschriften

Stats

Artikelen bekeken hits
744978

Zoeken

Wie is online

We hebben 70 gasten en geen leden online

Wijzig de Taal